In 1886 werd er in een brouwerij in Lokeren een zoon geboren. Auguste, François Egide Marie Raemdonck van Megrode was de kleine jongen zijn naam. We noemen hem voor het gemak Gust Raemdonck.
Gust groeide op tussen het bier maar was een ijverig student aan de Leuvense Universiteit en zo werd hij "doctor in de politieke en administratieve wetenschappen" en ook "doctor in de rechten". Als advocaat vestigde hij zich in Lokeren en al snel sloot hij zich aan bij de Katholieke volkspartij om uiteindelijk in 1908 burgemeester te worden. De benoeming gebeurde op 3 augustus 1908, en op 23 augustus werd er door de Lokeraars een feestelijke inhuldiging voorzien.
Heel Lokeren werd feestelijk versierd, maar vooral op de Bergendries, want daar stond Le Château d'Ueberg, eigendom en woonplaats van de burgemeester. Op een oude landduin in een groot park werden kosten noch moeite gespaard om hun burgemeester een welkom te geven dat hij nooit zou vergeten.
Iedereen was paraat voor een groot volksfeest, maar dan gebeurde het ondenkbare. Het begon te regenen zoals het in geen jaren geregend had. Alle versieringen sneuvelden, de mensen vluchtten naar binnen, de stoet verdween en de Bergendries bleef kletsnat maar vooral leeg achter.
In 1909 naderde de eerste verjaardag van het burgemeesterschap, en de geburen van de Bergendries zagen hun kans schoon. Het was een mooie maand augustus, en men besliste om op de laatste zondag van augustus een nieuw feest te organiseren ter ere van de burgemeester.
En zo geschiedde: een massa volk, prachtig weer en een hele dag vol feestelijkheden! De Burgemeester Raemdonckkermis was na een valse start in 1908 een knaller geworden in 1909 — en we vieren dit feest vandaag nog steeds.
Het kasteel bleef de woonplaats van de burgemeester tot aan zijn dood in 1939. Slechts enkele maanden later brak WOII uit en het leegstaande kasteel werd door de Duitsers ingenomen. De torenspits werd vervangen door een Duitse uitkijkpost. Tijdens de oorlog werd het park verwoest en na de oorlog werd het kasteel ontmanteld tot er nog slechts een ruïne overbleef.
Uiteindelijk werden de gronden in 1958 door de stad aangekocht en werd het park opnieuw aangelegd. De kermis bleef bestaan, maar een doorstart drong zich op.
In het begin van de jaren '70 vond men in de geschiedenisboeken dat de Bergendries (of de Karrestraat) in de 16e eeuw de plek was waar gedurende een bepaalde periode een levensmiddelenmarkt doorging, nadat de Lokerse markt verwoest was door de Dendermondenaren. Aangezien er onder andere boter en eieren verkocht werden, werd in dat thema in 1974 een folkloristische groep opgericht: 'Het Gouden Ei'.
Gedurende vele jaren stond de Bergendrieskermis in het teken van de Gouden Eierenstoet. Er werden reuzekippen gemaakt — Cis, Kato en Coppe — en uitgeblazen eieren met prijzen werden in de stoet gegooid.
De kermis kende in de jaren '70 en '80 een locatie op het Atheneum in de Azalealaan, om dan te verhuizen naar de Van Duysestraat. De wijk werd versierd met vlaggen en luidsprekers brachten feestmuziek. Het epicentrum, de discobar, was in de garage achter de Electrowinkel op de Bergendriesstraat.
Alles gaat in golven en de kermis vond een nieuwe thuis op het Grijzebosplein. Daar vieren we al vele jaren kermis met onze vaste thema's: een quiz op vrijdagavond; rommelmarkt, eierwerpen, petanque en gaaibollen op zaterdagmiddag; eetfestijn en live muziek op zaterdagavond; en op zondag de truckersrun, kindernamiddag en Vlaamse muziek.
Jarenlang was het traditie om af te sluiten met een reuzevuurwerk aan de vijver van de Ueberg, maar dit is intussen verboden door de stad Lokeren.
De kermis bestaat bijna 120 jaar maar ze is springlevend! Elk laatste weekend van augustus vieren we feest op den Bergendries.